Vandaag begeven we ons naar Den Haag om daar twee exposities te bezoeken. Uiteindelijk worden dat er vier.
Een paar meter voor ons eerste doel, de
Electriciteitsfabriek, wordt onze aandacht getrokken door de reflectie van een aantal gekleurde neonbuizen. Achter een poort blijkt een lichtkunstwerk te hangen dat we goed kennen: ooit was het onderdeel van ons allereerste Polderlicht-evenement. Elf (!) jaar later lijkt het werk -van
Willem Marijs- weliswaar wat aangetast door de tijd en de elementen, maar het weerzien is er niet minder prettig om. Achter de poort ligt galerie/kunstcentrum
Nest, alwaar de tentoonstelling
Why Are Artists Poor? is te zien: een reflectie van kunstenaars op de presentatie en maatschappelijk waardering van kunst anno nu. Heel mooi is de video
When What Becomes Who van
Una Knox, waarin twee alledaags uitziende conciërges houten kisten (met kunst?) in en uit een goederenlift slepen, ondertussen een kunstfilosofische discussie op zéér hoog niveau voerend.
Jeroen Jongeleen haalt teksten van websites als
Geenstijl en spuit die zonder omhaal op panelen van verschillende materialen. De kritiek op kunst tot kunst verheven (een beetje zoals
Tinkebell dat deed met de
hatemail-bundel
Dearest Tinkebell.) De resultaten zijn verbijsterend en soms hilarisch, want volledig
over the top.
Dan is het tijd voor de groepsexpositie-van-Turkse-kunstenaars
Commons Tense in de Electriciteitsfabriek. Een klein deel van dit mooie industriële complex is gereserveerd voor De Kunsten, maar het merendeel functioneert nog steeds als energiecentrale. Hoe ironisch: als we binnenlopen blijkt de stroom te zijn uitgevallen! Een deel van de kunstwerken 'werkt' daarom niet naar behoren. De kunst gaat grotendeels over de rol van nieuwe digitale media en hoe overheden die gebruiken om hun onderdanen te 'monitoren' - en is daarmee uitgesproken politiek van aard. Zo zien we een groot plakkaat met daarop de
Universele Verklaring Van De Rechten Van De Mens, met eronder een hele opsomming 'doorsnee'-uitspraken van Turkse
officials die de Verklaring met voeten treden - en dat terwijl Turkije die in 1948 mede heeft ondertekend. Dit kunstwerk (ís dit eigenlijk wel een kunstwerk?) bevalt ons het meest aan
Commons Tense, de rest blijkt nogal droog en nou ja...
saai.
Een deur verder blijkt dat er nóg een expositie in de fabriek te zien is. In een grote, ruige fabriekshal wordt
Global Groove gedraaid; een kleurrijke, bijna psychedelische videocollage van
Nam June Paik uit 1973. Daaromheen een paar licht- en geluidsobjecten, waaronder de spannende
Ideofoon van de Nederlandse electronicapionier
Dick Raaijmakers. Maar ook hier doen enkele werken het niet -of zijn zelfs weggehaald- en dat is verdomde jammer want de
sfeer is hier top.
Precies op tijd arriveren we in galerie
JCA de Kok aan de Lange Beestenmarkt, alwaar
Ro Hagers een fijne solo-expositie opent. We zien houten panelen met subtiel freeswerk, 'gezandschilderde' kunststof platen en ruimtelijke objecten, dat alles handgemaakt en met zichtbaar veel aandacht tot stand gekomen. Het mooist is een mensgrote sculptuur van wit piep- en groen purschuim, zowel fragiel als sterk ogend. De figuur lijkt ons aan te kijken vanuit een ver verleden - en is dan ook een eigentijdse interpretatie van
dit klassieke beeld. Prachtig... en als alles goed gaat, over een paar maanden te zien in onze eigen Inkijk-galerie in metrostation Weesperplein. Overigens nam ook Ro Hagers deel aan die eerste Polderlicht-editie in 2001... en daarmee is de cirkel voor vandaag rond.